Hondenleven

De hond

De hond ligt in zijn hok en staart
hij weet zelf niet waarheen.
Hij voelt zich triestig en bezwaard
en moederhonds alleen.

De boer gaat naar zijn veld en Lis,
het paard, mag met hem mee.
Maar dat de hond ook daar nog is,
daaraan denkt geen een der twee.

Het kindje op het neerhof speelt
en roept en zingt een lied.
Maar dat de hond zich dood verveelt,
nee, daaraan denkt het niet.

‘Ik ben te oud, te anemiek.
Mijn dood, is dat hun wens ?
Elkeen vergeet mij hier, en toch,
een hond is ook een mens.

(Gaston Durnez)

Leave a Reply