Categorie archief: Poëzie

HERFSTGEDICHT

Een vliegje in de herfst,
vliegt tussen de takken van een berk-
geur van bladeren,
natte aarde-
en tussen die takken is niets
en tussen die en die,
het vliegje denkt misschien:
de spin is een verzinsel, het eerste web
moet nog worden uitgevonden!
Het wordt donker,
de maan komt op,
oud bos,
slingerende paden, nauwelijks lanen,
de moed om te verdwalen
bijna gemist.

© Toon Tellegen
uit Gedichten 1977-1999

5 reacties

Opgeslagen onder Actueel, Natuur, Poëzie

JONGE SLA

JONGE SLA

Alles kan ik verdragen,
het verdorren van bonen,
stervende bloemen, het hoekje
aardappelen, kan ik met droge ogen
zien rooien, daar ben ik
werkelijk hard in.

Maar jonge sla in september,
net geplant, slap nog,
in vochtige bedjes, nee.

-Rutger Kopland

Geef een reactie

Opgeslagen onder Milieu, Natuur, Poëzie

ONWEER

Verstoorde avond

De natuur is ontketend

Pijnlijke flitsen

1 reactie

Opgeslagen onder Natuur, Poëzie

ZEE – een kindergedicht

Zee

Ik zie de zee

de zee ziet mij

dag zee

hoe gaat het?

ik eb, zegt de zee

wat heb je, zeg ik

ik heb eb

doet dat zeer?

nee; zegt de zee

een zee heeft geen zeer

-Frank Eerhart

 

In: 111 Kindergedichten

 om nooit te vergeten

Lannoo, 2011

 

Geef een reactie

Opgeslagen onder Kinderen, Natuur, Poëzie

Zondaggedicht – Hans Andreus

De theepot en de koffiepot

De theepot en de koffiepot

bespraken met elkaar hun lot.

De koffiepot zei: ” Ik verdraag

gewoon geen koffie in m’n maag!”

De theepot kermde: “En van thee

word ik zo walgelijk wee!”

Toen zei de keukenmeid: “Ga door!

Dat wat je bent, dààr deug je voor!

Dus schenk maar wat je altijd dee:

de koffiepot koffie, de theepot thee!”

_

Hans Andreus (1926-1977)

__________

Geef een reactie

Opgeslagen onder Hans Andreus, Poëzie

Breiende vrouw

Breiende vrouw

 

In haar favoriete hoek zit ze. Golven van breiwerk

met rechte en averechtse steek storten neer op haar schoot

winter en zomer lang. Ze heeft haar redenen,

weet dat onverwacht koud augustusweer slechter is

dan sneeuwstormen ’s winters. Ze vertrouwt geen seizoenen.

 

Haar kinderen zijn uitgevlogen. Ze ziet hen in de vrije banen

van koude winden. Met angstige zorg volgt ze hen

per post, met kwakkelig geknoopte,

gestreepte en geribde pakjes. Ze kent geen kwaal

die niet geheeld kan worden in een Aran jasje of die beter

te verdragen is in een pluchen trui. God

mag dan al of niet de winden temmen, maar nooit

zal een van haar schapen geschoren worden betrapt.

 

Ze zet zich schrap tegen al wat er kan gebeuren,

weke borsten, tegenslagen, chaos en koude nachten.

 

Kon ze het maar – een pull voor heel de wereld breien.

-Evangeline Paterson

 

vert. H.G. (uit het Engels – Knitting woman))

Geef een reactie

Opgeslagen onder breien, Poëzie, Vrouwen

Gedicht voor Witte Kerst

Winter

Winter. Je ziet weer de bomen
door het bos, en dit licht
is geen licht maar inzicht:
er is niets nieuws
zonder de zon.

En toch is ook de nacht niet
uitzichtloos, zo lang er sneeuw ligt
is het nooit volledig duister, nee,
er is de klaarte van een soort geloof
dat het nooit helemaal donker wordt.
Zo lang er sneeuw is, is er hoop.

Herman de Coninck

 

VREDEVOLLE   KERSTDAGEN

 


 

Geef een reactie

Opgeslagen onder Actueel, Natuur, Poëzie

Woord van de week – STIFTPOËZIE

Een stiftdichter neemt een gedrukte tekst – bijvoorbeeld uit een krant of een tijdschrift – en pikt daar woorden uit die een gedicht vormen als je ze achter elkaar leest. Dan maakt hij de rest van het blad zwart met een dikke viltstift. Het resultaat van dat stiftdichten is een zwart vlak waarin nog maar enkele woorden een witte achtergrond hebben. Die vormen samen een stiftgedicht.

Bron: E-zine Taallink 228

3 reacties

Opgeslagen onder Poëzie, Taal, Taaltips

Zomergedicht

DE ZOMERS

Klaprozen, korenbloemen, barstenvolle
goudgele aren streelden mijn gezicht.
Groengouden vliegen zoemden een gedicht.
Rood liet het ooft de appelwangen bollen.
Zomernachtdonker is gesmolten licht.
Niet bang zijn voor kabouters en voor trollen.
Ze komen ‘s nachts het grasveld voor je rollen.
Alleen een dom kind houdt zijn ogen dicht.

Zullen wij dit soort zomers nooit meer zien?
Ging dan het paradijs voorgoed verloren
omdat wij aan de wereld toebehoren?
Huil niet, huil niet, de hemel zal misschien
een zolder in een huis zijn zonder zorgen.
Daar hebben ze die zomers opgeborgen.

-Kees Stip
Uit: Au!de rozen bloeien
Sonnetten van bedreigd geluk

3 reacties

Opgeslagen onder Natuur, Nederlandse literatuur, Poëzie

Ode aan ‘Mei’

MEI
 
En nu verdwijnt het grijze en het vale
en nu verdwijnt het dorre en het kale
en alles krijgt weer glanzende gewaden
en wordt opnieuw met weelde overladen.
 
Ook in mijn grijze ‘zelf’ voel ik iets dromerigs,
iets van een nieuwigheid, ja ook iets zomerigs,
‘t zou ook te gek zijn dat er niets gebeurt in mij,
want ook ‘in mij’ legt ieder vogeltje een ei.
 
-Toon Hermans

3 reacties

Opgeslagen onder Actueel, Poëzie

LENTE – een gedicht

 Wat vogels in de kruinen van de bomen,

zwak zonlicht speels door ‘t aarzelende groen,

een windvlaag over ‘t water, en de hemel

gehuld in stijf gesteven blauw katoen.

 

Wat kinderen zingend door de straten,

de schooltas dansend op de smalle rug,

een spel van onbevangenheid en gratie,

wat slootjes dromend bij een lange brug.

 

Wat mensen lachend door een warme wereld,

een spel van kleur en vreugde op ‘t gezicht,

een windvlaag over ‘t water, en de hemel

in declamatie van een speels gedicht.

 

Verlangen en geluk in licht en lachen,

‘t gevoel, een nieuwe mens, een nieuw seizoen,

je stapt er toch weer in, met al je dromen;

om aan het spel van ‘t leven mee te doen

 

-Margreet van Hoorn

 

6 reacties

Opgeslagen onder Actueel, Poëzie

Schoonmaak

Schoonmaak

heel voorzichtig
met haar ragebol
veegt de huisvrouw
in de oksel
van het plafond

giegelend
lacht het gebouw zich in puin

Uit: Het Kruidenboek (1970) van Karel Soudijn (1944)

5 reacties

Opgeslagen onder Poëzie

Verder…

Ik trok een streep :
Tot hier,
Nooit ga ik verder dan tot hier.

Toen ik verder ging
Trok ik een nieuwe streep,
En nog een streep.

De zon scheen
En overal zag ik mensen,
Haastig en ernstig,
En iedereen trok een streep,
Iedereen ging verder.

-Toon Tellegen

4 reacties

Opgeslagen onder Nederlandse literatuur, Poëzie

Krokussen

Krokussen  

Met een nog koude hand
liefkoost ontwakende aarde
de krakers van het ijskasteel

-Jana Beranova,
Uit: Geen hemel zo hoog
Agathon

3 reacties

Opgeslagen onder Actueel, Flora, Natuur, Poëzie

DENKEN EN DOEN

Ik
Ik ga
Ik ga je
Ik ga je kussen
Ik ga je kussen op
Ik ga je kussen op bed
Ik ga je kussen op bed leggen.

-Mark van Eekelen (13)

 

7 reacties

Opgeslagen onder Poëzie

To the snowdrops

s7300862

Oh snowdrops, I think that
You came in the night,
In only your nighties
And that’s why you’re white.

The world was all sleeping
With never a sound,
You wanted to see it
So came through the ground.

I think that you’re smiling,
But still feel too shy
To lift your sweet faces
To smile at the sky

-Melinda Kennedy

3 reacties

Opgeslagen onder Actueel, Natuur, Poëzie

Lichtmis

Is het Lichtmis   licht   mist
op het dorp keer om de kom

-Paul van Ostaijen

1 reactie

Opgeslagen onder Actueel, Nederlandse literatuur, Poëzie

Voorzichtig – tgv Gedichtendag

VOORZICHTIG

voorzichtig
heb ik de gevangen vogel

uit de strik verlost

ik laat hem vliegen
hij geeft mij vleugels

-Willem Hussem (uit: ‘Warmte vergt jaren groei’, 2005.)

4 reacties

Opgeslagen onder Poëzie

De herders

Marius van Dokkum (2007)

Marius van Dokkum (2007)

 

DE HERDERS

De herders stonden in die nacht vooraan
en de eenvoudigen, de minsten daar, verstonden
het grote wonder, raakten opgewonden
van woorden die niet eens werden verstaan.

Men kent de namen van de mannen niet.
Er staat geschreven dat er herders waren,
drie, vier of meer, maar na tweeduizend jaren
zijn zij nog steeds een dierbaar kinderlied.

En het werd waar: de minderen zijn meer.
Zij hadden geen geschenken meegenomen.
De koningen zijn later pas gekomen,
maar herders knielden toen als eersten neer.

Van tranen of van licht, de ogen blind,
gaven zij zo zichzelf als offerande.
Met grote, ruwe, moegewerkte handen
streelden zij zacht het nieuwgeboren kind.

-Jos Brink

5 reacties

Opgeslagen onder Beeldende kunst, Poëzie

Mussen

mus1Het is koud en de vogels komen in groten getale eten van het lekkers dat hier op verschillende plekken opgehangen is. Vooral de mussen zijn het meest vertegenwoordigd… Daarom een gedicht tere ere van onze alledaagse mus!

OP EEN MUS

Iets doodgewoners dan een mus
Is zelden nog bezongen, dus
Vliegt op gij vlerken die het woord
Hun hoge vlucht verlenen, smoort
Het hulpeloos gestamel van
Een mens die zelf niet vliegen kan.

-Kees Stip

7 reacties

Opgeslagen onder Dieren, Natuur, Poëzie